Onze mensen en middelen
Strategisch personeelsbeleid
De wereld wordt steeds complexer en daarmee ook de opgaven waar we als gemeentelijke organisatie mee te maken krijgen. De arbeidsmarkt staat de komende jaren in het teken van krapte, toenemende flexibiliteit en de opkomst van technologische ontwikkelingen en AI. De juiste ‘fit’ tussen de medewerker en werkgever is dus van groot belang. Het strategisch personeelsbeleid is ondersteunend voor het behalen van de organisatiedoelstellingen.
In 2026 streven we naar het realiseren van de volgende ambities:
Werving en Selectie
Het aantrekken en behouden van gekwalificeerd en vaardig personeel is cruciaal voor het behalen van onze strategische doelstellingen. Dit is niet vanzelfsprekend in de huidige (zeer) krappe arbeidsmarkt. Met hulp van strategische personeelsplanning anticiperen we op de uitstroom (door vergrijzing). We investeren in stages, traineeships en behoud van (jong)talent. Het is daarbij belangrijk om ons werkgeversmerk te versterken. We doen dit samen met onze medewerkers, de ambassadeurs van de organisatie, online aanwezigheid en digitale marketing.
Gezond en in Balans
Gezond en in balans is een combinatie van goed werknemerschap én goed werkgeverschap. Er is sprake van een gedeelde verantwoordelijkheid en (professionele) eigen regie van medewerkers staat voorop.
De komende jaren blijven we ons inzetten om het verzuim omlaag te krijgen. Dit doen we door een aanpak op de structurele oorzaken van verzuim en de focus op duurzame inzetbaarheid.
Loopbaan en Mobiliteit
Interne mobiliteit wordt belangrijker door het tekort aan externe kandidaten. We stimuleren talentontwikkeling door het benutten van de talenten in de organisatie en het creatief omgaan met de inzet van onze capaciteit. Ook bevorderen we loopbaanpaden, interne stages en traineeprogramma’s.
Leren en Ontwikkelen
We investeren in leven lang ontwikkelen, bieden een intern opleidingsprogramma en leerlijnen en hebben budgetten voor leren en ontwikkelen. Opleiding en ontwikkeling zijn bovendien een belangrijk middel om mensen te behouden en intern door te laten groeien.
P&O technologie en systemen
We evalueren en verbeteren onze P&O-processen en systemen om ervoor te zorgen dat we de best mogelijke ondersteuning bieden aan onze medewerkers en de organisatie als geheel.
Ook wordt in 2026 verder gewerkt aan het implementeren van HR21. Dit is het uniforme gemeentelijke functiewaarderingssysteem. Vanuit de Cao wordt het aanbevolen om te werken met dit systeem.
Verminderen externe Inhuur
We hebben de organisatie de opdracht gegeven om in de periode 2024-2027 een structurele vermindering te realiseren voor wat betreft het inhuren van extern personeel. Hierbij gaat het om het verlagen van het percentage inhuur ten opzichte van de totale formatie (vaste formatie en inhuur). Hierbij wordt rekening houden met een juiste balans tussen het behouden van voldoende flexibiliteit in een snel veranderende omgeving, maar ook met voldoende binding met de organisatie(doelen). Deze opdracht is daarmee een ambitieuze opgave in een schaarse arbeidsmarkt waar het steeds vaker niet lukt om medewerkers met vakspecialistische kennis te werven en binden.
Indicator | Toelichting | Bron | Realisatie 2024 | Begroting 2025 | Begroting 2026 |
|---|---|---|---|---|---|
Formatie | Fte per 1.000 inwoners | Eigen gegevens | 9,5 (842 fte en 88.400 inwoners) | 9,8 | 9,7 |
Bezetting | Fte per 1.000 inwoners | Eigen gegevens | 9,2 | 8,9 | 9,6 |
Apparaatskosten | Kosten per inwoner | Eigen begroting | 633 | 827 | 894 |
Externe inhuur | Kosten inhuur externen als percentage van: totale loonsom + kosten inhuur externen* | Eigen begroting | 24% | 14% | 14%* |
Overhead | Percentage van totale kosten | Eigen begroting | 11,0% | 11,4% | 11,7% |
*De percentages inhuur ten opzichte van de totale loonsom + inhuur zijn voor 2024 gebaseerd op de realisatie 2024. De percentages voor 2025 en 2026 zijn gebaseerd op de begrote inhuur ten opzichte van de loonsom + inhuur van de begroting. Het percentage gerealiseerde inhuur is hoger dan het percentage begrote inhuur. Dit wordt grotendeels verklaard door inhuur met specifieke dekking zoals projecten en specifieke uitkeringen. Gedurende het jaar wordt steeds meer invulling gegeven aan deze middelen. Dit is nog niet altijd begroot op budget inhuur, gedurende het jaar wordt hier wel op ingehuurd met dekking van specifieke gelden.
(Bedragen x € 1.000)
Capaciteitsbudget (bedrijfsvoering) | Realisatie 2024 | Begroting 2025 | Begroting 2026 |
|---|---|---|---|
Salariskosten personeel | € 70.054 | € 71.839 | € 72.603 |
Externe inhuur | € 20.811 | € 11.732 | € 12.014 |
Opbrengst personeel | € -4.751 | € -3.827 | € -3.834 |
Voormalig personeel | € 553 | € 582 | € 492 |
Totaal aan capaciteitsbudget (bedrijfsvoering) | € 86.666 | € 80.325 | € 81.276 |
Bestuurlijke kosten | Realisatie 2024 | Begroting 2025 | Begroting 2026 |
|---|---|---|---|
College en Raad | € 1.794 | € 1.880 | € 1.919 |
Totaal bestuurlijke kosten | € 1.794 | € 1.880 | € 1.919 |
Toelichting salariskosten personeel
In de begroting 2026 is bij de salariskosten rekening gehouden met de volgende percentages:
- Structurele verhoging van € 35 per maand per 1 januari 2026
- Verhoging van 1,25% per 1 juli 2026
- Verwachte stijging werkgeverspremie per 1-1-2026 van 0,5%
Normaliter wordt jaarlijks de personeelsbegroting opgemaakt op basis van het huidig personeel met daarbij een inschatting van de periodieken, de cao-stijging en de wijziging in de werkgeverslasten. Vacatures worden geraamd op het midden van de bijbehorende salarisschaal. Voor de personeelsbegroting 2026 was het, vanwege het nieuwe HRM pakket AFAS, nog niet mogelijk om de personeelsbegroting op dit detailniveau op te bouwen. Voor de personeelsbegroting 2026 is ervoor gekozen om de personeelsbegroting 2025 te indexeren met de CAO afspraken voor 2026. Hierbij is wel rekening gehouden met alle genomen besluiten met betrekking tot toename of afname van personeel. De begroting voor de salariskosten 2026 komt uit op € 82 miljoen. In het overzicht capaciteitsbudget is het begrote bedrag voor de salariskosten met € 9,4 miljoen verlaagd naar € 72,6 miljoen en het budget voor inhuur verhoogd met € 9,4 miljoen. Deze verschuiving wordt toegelicht bij de "Toelichting externe inhuur".
Toelichting externe inhuur
De raming van inhuur in de begroting is normaliter altijd veel lager dan de realisatie van inhuur. Dit heeft verschillende oorzaken:
1. Vacatureruimte wordt begroot onder salariskosten. Dit omdat het doel is om hier vast personeel op aan te nemen. In de praktijk wordt niet elke vacatureruimte direct ingevuld en kan de vacatureruimte tijdelijk ingevuld worden door inhuur.
2. Inhuur als gevolg van ziekte, zwangerschap, detachering of tijdelijk extra capaciteit worden niet begroot. De inhuur wordt hiervoor deels gedekt door vergoedingen vanuit het UWV (opbrengst personeel), opbrengst detachering, vacatureruimte of andere dekking.
3. Inhuur met specifieke dekking zoals projecten en SPUK's worden voor zover bekend begroot op de kostensoort inhuur. Gedurende het jaar wordt steeds meer invulling gegeven aan de besteding van de specifieke middelen en zal het budget en dus ook de realisatie op inhuur toenemen.
Wijziging in presentatie van de inhuur
Omdat de inhuur in de begroting om bovengenoemde redenen niet representatief is voor de werkelijke kosten van de inhuur, is de tabel capaciteitsbudget als volgt aangepast:
Op basis van de realisatie in 2024 is een percentage van 11,5% van de begrote salariskosten ingehuurd als gevolg van vacatureruimte en vervanging ziekte. In de tabel is ervoor gekozen om een bedrag van € 9,4 miljoen (11,5% van begrote salariskosten 2026) te verschuiven van begrote salarislasten naar begrote inhuur. Gedurende het jaar 2026 zal gemonitord worden hoeveel het werkelijk percentage inhuur met betrekking tot inhuur wegens vacatureruimte en ziekte. De verschuiving in 2025 bedraagt € 9,3 miljoen (11,5% van begrote salariskosten 2025).
Opdracht verlaging inhuur
Voor de opdracht om het percentage inhuur te verlagen ten opzichte van de totale loonsom (salariskosten + inhuur) wordt uitgegaan van de gerealiseerde inhuur. In 2024 was het percentage 24,1%, streefwaarde voor 2026 is 18,5%.
Toelichting Opbrengst personeel
De begrote opbrengst personeel heeft grotendeels betrekking op de facturatie van personeel aan de BV Voorne Putten Werkt. Het personeel is in dienst bij de gemeente Nissewaard en wordt gedetacheerd en gefactureerd aan de BV Voorne Putten werkt. De begrote opbrengst bedraagt € 3,57 miljoen. De realisatie in 2024 is hoger dan de begroting in 2025 en 2026. Dit wordt grotendeels verklaard door de vergoedingen vanuit het UWVen overige opbrengst detachering. Deze opbrengsten zijn niet altijd vooraf in te schatten.
Garantiebanen | Realisatie 2024 | Begroting 2025 | Begroting 2026 |
|---|---|---|---|
Aantal gerealiseerde garantiebanen * | 24 | 25 | 22 |
* Zie verdere toelichting bij de paragraaf Bedrijfsvoering, onderdeel 'Wettelijke eisen bedrijfsvoering'.
Digitalisering | Realisatie 2024 | Begroting 2025 | Begroting 2026 |
|---|---|---|---|
ICT kosten per fte | € 12.495 | € 14.091 | € 14.199 |
ICT kosten per inwoner | € 115 | € 139 | € 137 |
CAO
De huidige Cao Gemeenten loopt van 1 april 2025 tot en met 31 maart 2027.
