Ruimtelijke ontwikkeling
Op 1 januari 2024 is de omgevingswet in werking getreden. De komende periode wordt gewerkt aan het opstellen van een integrale, gebiedsdekkende Omgevingsvisie en een Omgevingsplan. Dat vraagt zowel van de gemeenteraad, het college maar ook van de ambtelijke organisatie een flexibele houding omdat het echt gaat om een nieuwe manier van werken.
Totdat de omgevingsvisie is vastgesteld vormen het ontwikkelperspectief NN2040 en Ontwikkelperspectief Vitale Kernen het ruimtelijk afwegingskader. Zij vormen de basis voor de omgevingsvisie. Het benoemt de kansen op het fysieke, sociale, sociaaleconomische en infrastructurele vlak. Het vertalen van deze kansen naar een ruimtelijke opgave vindt plaats in het ontwikkelraamwerk, gebiedspaspoorten en in de wijkatlassen. Deze werkdocumenten zijn nodig om weloverwogen keuzen te maken van wat waar moet gebeuren om tot een schokbestendig Nissewaard te komen. Niet de ontwikkelplot staat meer centraal, maar de gemeente als geheel staat centraal. Hierdoor zijn we in staat om niet alleen reactief maar ook proactief een ontwikkeling tot stand te brengen. Dus actief (markt)partijen benaderen om een gewenste ontwikkeling tot stand te brengen. Dit vraagt om een integrale benadering van de fysieke leefomgeving waarbij wij ook vroegtijdig de samenleving betrekken bij ontwikkelingen in hun directe omgeving en het sluit aan op de manier waarop we gaan werken met de Omgevingswet.
